Gepost door: mijnminor | januari 27, 2008

Locust.. ontdek een nieuwe wereld

Voor het zien van de presentatie download de onderstaande file naar je computer.

http://stud.cmd.hro.nl/0766406/PD/locust/Presentation6.pptx

Voor de presentatie is een 8 behaald na de presentatie. In het groepje zaten Robert, Wesley, Mandy, Harro en Wendy.

Gepost door: mijnminor | januari 19, 2008

Totaaloverzicht kwartaal 2, jaar 4

De volgende opdrachten heb ik voor PD gemaakt in kwartaal 2. Deze lijst geeft duidelijk aan welke essays er op mijn weblog te vinden zijn. De naam tussen de “haakjes” geeft het blog-artikelnaam aan. Het blog bevat meerdere pagina’s met posts…

1. Inrichten weblog (verplicht)

2. Wekelijkse posting (1 punt):
“weekpost 1: ode aan web2.0…”
“weekpost 2: usb wine…”
“weekpost 3: digitale revolutie…”
“weekpost 4: voluntourism…”
“weekpost 5: mond tot mond…”
“weekpost 6: epaper…”
“weekpost 7: prostitutie…”
“weekpost 8: bank en webwinkel…”

3. Essay’s: (totaal 5 punten)
“Essay – guerrillamarketing”, 1 punt
“Essay – don’t compete with..”, 1 punt
“Essay –longtail en blueocean”, 1 punt
“Essay –onlinetrends 2007”, 1 punt
“Essay -belevenissen”, 1 punt

4. Evaluatieopdracht PD (1 punt)
5. Groepsopdracht Locust.nl (max. 2 punten)
6. Toets en quiz over longtail e.d. (max. 1 punt)

Totaal is er voor sowieso voor 9 punten aan opdrachten gemaakt en geschreven.
De toets/quiz (2 punten) is hierbij nog niet opgeteld…
Veel plezier met lezen!

Gepost door: mijnminor | januari 19, 2008

Evaluatie Minor PD ’07 – ‘08

Soort post: Evaluatie

Bij de term product development (produkt ontwikkeling) denk niet wellicht niet direct aan het uitdenken van marktstrategiën en onderzoeken doen naar wensen en behoeften van de potentiële klant. Misschien denk je eerder aan werkelijk ontwikkelen van een produkt. Maar toch zijn de bovengenoemde onderdelen van essentieel belang bij een juiste produkt ontwikkeling.

Minorkeus
Dit is dan ook de reden dat ik gekozen heb voor deze minor, inmiddels 1 jaar geleden. Alleen aan mijn vooropleiding multimedia vormgeven had ik naar mijn mening niet voldoende. Met een minor product development (onderdeel van de opleiding communicatie en multimedia design) kon ik naast het “hoe ga ik het ontwerpen” ook beginnen na te denken over “waarom ga ik het maken” en “voor wie”.

De minor PD (product development) is één van de traditionele minors van CMD en foccussed zich op het doen van juist vooronderzoek naar een produkt, het ontwerpen ervan en het in de markt zetten op de efficïent mogelijke manier. Het interessante aspect van deze minor is dus vrijwel meteen duidelijk, namelijk dat je breed opgeleid wordt tot een product developer en de vele onderdelen van het development proces doorloopt. Hierdoor wordt je breed opgeleid.

Leuk maar weinig afwisseling
Aan de hand van het schrijven van essay’s (veelal naar eigen keuze) met betrekking tot marketing, innovatie en produkt ontwikkeling vertellen we onze bevindingen en opgedane kennis. De essay’s en opdrachten waren opgesteld volgens het cafetaria model, dit houdt in dat je voor een minimaal aantal punten opdrachten moet maken. Het is een eenvoudige methode voor de leerling, zolang je genoeg kwalitatieve informatie schrijft verdien je een goed cijfer. Het nadeel hiervan is dat het een beetje inspriratieloos en saai wordt na een aantal modules. Zodra er aan het begin van de minor verteld werd over de herhaling van het cafetariemodel kon je duidelijk merken dat er door de klas een golf van ‘zuchten’ trok. Het is een weinig verrassend lesprogramma op die manier.

Daarnaast is er elk kwartaal een groepsproject geweest waarmee we zo veel mogelijk van deze opgedane kennis groepsgewijs moesten toepassen op een opdracht. Diverse opdrachten voor het Astma fonds, Oneman en eigen onderwerpen passeerden de revue. Bij deze opdrachten moet je zo veel mogelijk van je kennis over PD stoppen. Trends, concepten, onderzoeken, visuals, businessmodellen en PvA’s.. alles komt er in aan bod.

PD in het kort
Bij het kiezen van deze minor, wist ik goed wat mij te wachten stond. Al in het eerste jaar kregen we PD op ons rooster ingepland. Vanaf het moment dat Alexander Bakker ons les gaf in het vak (jaar 3) ben ik extra geïnteresseerd geraakt in dit vak. De veelzijdigheid van de minor geeft mij de kans om met diverse ideeen te komen en ze ook daadwerkelijk uit te werken. De vele aspecten zoals in de alinea hierboven genoemd maken het elke keer weer boeiend om een nieuw produktidee te verzinnen.

Natuurlijk zijn er wat minpunten over deze minor. Een nadeel is bijvoorbeeld het al eerder genoemde feit dat de structuur van het lesprogramma wat eentonig is. De stof is wel interressant maar we gaan niet heel diep op nieuwe stof in. Er wordt te veel feedback gevraagd naar mijn mening en te weinig informatie verteld zonder tussenkomst van reacties (zoals dat wel het geval is bij hoorcolleges). Daarnaast is het jammer dat er wat weinig gastcolleges geweest zijn. Dit is voor het opdoen van ervaringen uit de praktijk een goed alternatief. Inside information van experts uit het bedrijfsleven werkt altijd motiverend.

Al met al is PD een prima minor waarbij je met vele ingangshoeken te maken krijgen. Het ontwikkeling van concepten a.h.v. brainstormen en dergelijke, het verzinnen van (guerrilla)campagnes om je produkten of diensten op een originele manier op de markt te zetten, het komt bij PD aan bod. Veelzijdigheid is iets dat in PD van groot belang is. Jammer dat het in de lesstructuur niet zo ver doorgevoerd is, maar het is uiteindelijk wel waar het bedrijfsleven op wacht: een goed opgeleidde student die product development kan gebruiken om een frisse blik te werpen op design, marketing en innovatie en breed ingezet kan worden om te communiceren en mee te werken met diverse afdelingen zoals multimedia-, marketing- en andere afdelingen!

Gepost door: mijnminor | januari 18, 2008

Digitaal steuntje voor webwinkelier

Soort post: Weekpost #8

Steeds meer ondernemers starten een internetwinkel. Grote, maar ook kleine ondernemingen zoeken een eigen plekje op het wereld wijde web om hun waar te promoten. Niet iedereen heeft daarvoor het juiste budget. Ook kunnen er onvoorziene kosten bijkomen zoals distributie, verpakkingen, service en noem het allemaal maar op.

Onlangs was op het internet te lezen dat ABN Amro en webwinkelplatform MijnWinkel.nl een samenwerkingsverband aan zijn gegaan. Digitale ondernemers kunnen via de banksite een webwinkel openen en tegelijk alle bankzaken regelen. Zo kan de (startende) op steun rekenen van ABN Amro om zijn of haar onderneming weer op rolletje te laten draaien. Erwin Boogert (van Dutch Cowboys) filmde het interview met de 2 heren van respectievelijk ABN Armo en MijnWinkel.nl:

Gepost door: mijnminor | januari 9, 2008

Nieuwe media ‘vernielt’ onze belevenissen?

Soort post : Essay #5

Belevenissen vormen ons leven, geven ons leven kleur en zorgen er voor dat wij gebeurtenissen positief of negatief ervaren. Belevenissen zien we in de natuur terug als we tijdens een storm bij het strand gaan kijken naar de wilde woeste zee. Belevenissen laten onze zintuigen signalen afgeven waardoor we ons emotioneel betrokken voelen bij de belevenis.


een achtbaan, da’s pas een belevenis!

Old-school belevenis
Als we vroeger op ‘commando’ een belevenis wilden meemaken gingen we naar het theater of naar de bioscoop. Deze overbekende voorbeelden van belevenisactiviteiten zorden ervoor dat we even konden vergeten hoe we werkelijk leefden en ons konden verplaatsen in een andere wereld. Het totaalplaatje van bewegend beeld (een groot toneel of videoscherm) tesamen met overweldigend geluid van een orkest of de surroundspeakers in de bioscoop gaf ons tijdelijk een emotioneel geladen belevenis! Gelukkig gaan we nog steeds naar bioscopen, theatervoorstellingen en concerten toe. Deze belevenissen zijn we nog niet vergeten. Toch is er door tussenkomst van nieuwe media een flinke verandering aan de gang. Eind jaren negentig ging vrijwel iedereen achter de pc zitten om spannende spelletje te spelen en men begon zelfs al wat films te downloaden. Goedkoop en gemakkelijk was het om vanuit je luie stoel te doen wat je op dat moment ook maar wilde.

Non-ervaring door techstuff
De laatste jaren zijn er heel wat vernieuwingen bij gekomen. De ontwikkelingen op technologisch gebied zijn maar amper bij te houden. Tegenwoordig kijken we soaps op de mobiele telefoon (áls we het nog wel een telefoon mogen noemen), downloaden we muziek op onze mp3 spelers en houden we projectbesprekingen via onze pda’s. Ga zo maar door. Alles wat vroeger toekomstmuziek leek is nu al mogelijk. De bioscopen worden steeds minder bezocht. We blijven vaker thuis van concerten omdat we een paar weken later simpelweg de dvd van het optreden kunnen downloaden. Naast het feit dat dit voor de film en platenmaatschappijen natuurlijk geen goed nieuws is doet dit ook sterk afbreuk aan onze belevenissen van de activiteiten die we missen.

Natuurlijk is het heerlijk en ontzettend gemakkelijk om een apparaat van 3 bij 3 cm om je nek te hebben hangen waarop je al je muziek hebt staan. Maar als je vergeet om deze artiesten te bezoeken op één van hun concerten zul je op ten duur een hoop échte belevenissen mislopen.
Als goed voorbeeld neemt David Lynch [filmregisseur van o.a. Mulholland Drive] de inmiddels erg populaire iPhone. Hij vertelt dat als een film beken wordt op een iPhone dat men daardoor nóóit dezelfde ervaring kunt beleven zoals de filmmaker het bedoeld heeft. In eerste instantie is dat natuurlijk niet erg, maar het is uitermate zonde omdat de boodschap van de film (of wat dan ook) niet op de juiste manier naar de kijker gecommuniceerd kan worden.

‘Downloaden die hap’
Het is tegenwoordig zo ongelooflijk gemakkelijk om muziek te downloaden dat er maar weinig mensen zijn die het níet doen. Zonder kosten en moeite zoek je je nummers of albums naar keuze en download je het naar je computer of mp3 speler. De reden dat men dit zo graag doet heeft nog niet eens te maken met het feit dat het zo gemakkelijk is, maar vooral omdat het legale materiaal zoals een dvd of eed cd behoorlijk duur is geworden. Als we de hoge geluidskwaliteit van een cd van Norah Jones willen ‘beleven’ moet daarvoor al snel wat dieper in de buidel getast worden. 20 euro voor een cd is geen weinig voorkomend bedrag. Ook voor dvd’s moeten we flinke bedragen betalen, zeker special editions (die meestal helemaal niet zo ‘special’ zijn) moet al snel 25 euro voor neergeteld worden. Dan hebben we welliswaar betere kwaliteit beeld en een mooi hoesje maar op ten duur ook snel een lege portemonnee.

Te dure economie?
De vraag is dus waar er een grens getrokken kan worden. We leven in een moderne maar ook dure maatschappij. Om belevenissen ook echt te beleven moeten we meer betalen dan voorheen. Bioscoopkaarten zijn duurder geworden terwijl men juist het downloaden van films probeer t tegen te gaan. Een advies: verlaag de bioscoopkaarten en trek hiermee meer mensen naar de bioscopen.
We gaan steeds minder naar concerten en theater. Ook hierbij komt dat hoofdzakelijk door de hoge kosten. Als excuus wordt vaak gezegd dat dit komt doordat er minder mensen komen, maar op het internet lees je keer op keer dat er recordhoeveelheden bezoekers langskomen. Maar dat zijn wel de mensen die veel te veel betalen voor een belevenis. Hierdoor zal men op ten duur steeds negatiever tegenover deze belevenisactiviteiten aankijken. En dat terwijl de meeste mensen het juist zo heerlijk vinden om een middag of avond even de werkelijke wereld te verruilen voor een totaal andere belevenis.

Zien we later misschien lege zalen?

Nieuwe tijden vragen om nieuwe insights
Gelukkig is er ook goed nieuws. De technologie heeft er voor gezorgd dat we diverse vormen van media op vele manieren kunnen volgen. Tv, video, computer, games, mp3, internet en andere media verrijken ons leven. Hierdoor komen de authentieke belevenisvormen (bioscoop, theater e.d.) ietwat in het nauw, maar andere gebieden van belevenissen ontpoppen zich.
Thuisbioscopen zijn anno 2008 haast niet meer weg te denken uit onze huizen. Steeds grotere schermen vullen onze kamers met schitterde beelden. Hieronder een filmpje van de nieuwe aurea-tv van Philips.

Naast beeld vult ook geluid onze huiskamer. Enorm complete bioscoopervaringen met lage tonen en surroundspeakers kunnen toegevoegd worden om onze ouderwetse bioscoopbelevenis thuis mee te maken. Ook achter de pc kun je nu steeds beter belevenissen meemaken. De AmBX van Philips (wat zijn ze daar toch innoverend bezig bij Philips…) biedt de gebruiker een mix van licht, geluid, trillingen en zelfs wind om ons een zo intens mogelijke ervaring mee te geven..

Dus ja…wat nu…
Al met al kan gezegd worden dat de ouderwetse belevenissen qua populariteit wat aan het krimpen zijn, maar andere vormen van belevenissen zijn wel degelijk in opkomst. Grote beeldschermen en flinke geluidsinstallaties pompen onze huiskamers vol met belevenis. Nieuwe gadgets (AmBX) geven onze standaard belevenissen zoals het spelen van games nieuwe impulsen.
Of we op ten duur weer meer naar de bioscoop zullen gaan is nog maar de vraag, hooguit om het retro-gevoel van toen te beleven misschien ;) . Toch wil dat niet zeggen dat bioscoop, concerten en vooral het theater uiteindelijk ‘uitsterft’. Een belevenis die je in levende lijve kan meemaken blijft nog altijd heftiger en emotioneler dan een spectaculaire concertshow in je huiskamer. De look-and-feel, de geur, de kleur en de smaak die tijdens een optreden of theater rondhangt is niet al dan bijna niet na te bootsen voor huis tuin en keuken gebruik. Belevenissen zullen toch altijd nog echt beleefd moeten worden om er optimaal van te kunnen genieten!
(ong. 1200 w.)

Gepost door: mijnminor | januari 4, 2008

Het nieuwe lezen

Soort post: Weekpost #6

Digitaal krantje lezen
Je krantje lezen vanuit je luie stoel kón al digitaal met speciale tablet pc’s. Pas geleden kwam daar (o.a. van Philips) een speciale E-reader bij die speciaal gemaakt was voor het optimaal lezen van je digitale krantje.


Buziaulane [blog] schrijft hierover: “The newspaper is loaded into the tablet and can be displayed as a full page. With a stylo stories can be selected and zoomed-in. Pages can be turned. Here is the nice feature: the screen is only using power, when an action is taken (zoom-in or zoom-out) or a page is turned.”
Een gadget waarvan ik mij zelf toch afvraag of het werkelijk zo handig is. Het scherm is veel kleiner dan het werkelijke krantenpapier waardoor je continu moet inzoomen om verschillende stukken tekst te kunnen lezen. Daarnaast blijft een beeldscherm altijd wat onnatuurlijker lezen dan echt papier.

Buigbaar e-paper
Ontwikkelingen op het gebied van multimedia kúnnen ook spannender.
LG.Philips LCD zal tijdens de Consumer Electronics Show in Las Vegas (half januari 2008) een 14,3-inch kleuren e-paper presenteren. Het A4-scherm kan 16,7 miljoen kleuren weergeven, net als een normaal scherm, en heeft een resolutie van 1280 x 800 pixels.

Er waren al eerdere modellen van het e-paper gepresenteerd die minder kleuren kenden of een lagere resolutie. Dit is dus eindelijk een buigbaar scherm met een degelijke, zeer bruikbare resolutie. Het folie-achtig electronisch papier is een scherm van minder dan 300 micrometer dik. Dit is iets dikker dan kopieerpapier. Ik zie mijzelf al zitten in de trein met mijn buigbare e-paper. Dan trek je zeer zeker aardig wat bekijks.

aarschijnlijk zal de prijs nog behoorlijk hoog zijn, dus zullen we deze gadget voorlopig niet snel tegenkomen. Desalnietmin brengen dit soort innoverende gadgets ons een stapje verder op het gebied van technologische ontwikkelingen.

Gepost door: mijnminor | december 28, 2007

The digital trends of 2007

Soort post: Essay #4

Het jaar 2008 staat voor de deur en daarmee is het huidige jaar bijna afgesloten. In dit veelbewogen jaar is een hoop gebeurd. De beurskrisis door de amerikaanse huizenmarkt in juli, Noord Korea zet haar nucleaire programma stop, het kabinet balkende IV gaat van start en de koningin die in November een bezoekje bracht in Zuid-Beijerland (waar ik woon)!
Ook op het internet zijn er in 2007 veel veranderingen geweest, vooral qua gebruikerstrends. Diverse sites zoals Twitter, Second Life, Hyves, LinkedIn, Facebook werden dit jaar erg veel gebruikt. Zij waren in 2007 helemaal in. Maar wat stellen de verschillende sites voor en waarom zijn ze zo populair? De feiten op een rijtje… met een vleugje van Roberts mening. ;-)


Zo ongeveer de meeste gehypte trend van 2007 was toch wel Second Life. “Second Life is een driedimensionale ‘Massive Multiplayer Online Role Playing Game’ waarin de speler zich beweegt.
Second Life onderscheidt zich van andere virtuele werelden omdat er een virtuele economie heerst en omdat er echt geld in omgaat. Deze economie is door ontwerper Linden zelf opgezet.” (bron:wiki) Je kunt als speler zelf geld verdienen. Spullen of diensten die je in Second Life maakt of aanbiedt kun je er verkopen aan andere spelers. Het virtuele geld (Linden Dollar) is uit te keren in echt geld.
Eind 2006 is deze online trend enorm snel opgekomen. Toch is Second Life inmiddels weer een beetje ingezakt. Het idee lijkt alsof men Second Life niet zo serieus durft te nemen. Sites zoals demorgen.de postten er nog wel eens een berichtje over, maar verder is het rond Second Life toch vrij stil gebleven in de media. De meest optimistische voorspellers hadden het echter over ‘virtuele werelden’ waarin we ons dit jaar massaal in zouden verplaatsen. Van ‘ massale verplaatsing’ is nog geen sprake maar aan de andere kant is er ook nog geen waardig alternatief waardoor wij Second Life alweer vergeten.


Hyves (naar het engelse woord hive (bijenkorf), opgericht in 2004, is een populaire website waar je een vriendennetwerk kunt opbouwen en beheren. Vooral onder studenten en kinderen tot 18 jaar is deze site erg populair. Toch zien we dat ook veel volwassenen en zelfs ouderen steeds vaker Hyves gaan gebruiken. Bijna iedereen die Hyves gebruikt heeft naast vrienden ook familie en collega’s in zijn of haar vriendenlijst. Zelfs bekende politice zoals Wouter Bos, Jan Peter Balkenende en Rita Verdonk maken gebruik van Hyves en hebben enorme aantallen ‘vrienden’ in hun netwerk. Toch rijst bij mij elke keer weer de vraag of deze vrienden wel jouw ECHTE vrienden zijn.. Vaak heeft men 100 of meer vrienden in zijn of haar Hyves netwerk. In hun normale leventje is dit aantal meestal niet meer dan een stuk of 10 goede vrienden. Toch is Hyves een makkelijke tool om nieuwe mensen (potentiele vrienden) te vinden en te ontmoeten. Diverse activiteiten kunnen via Hyves met elkaar gedeeld worden. Denk aan berichten plaatsen, filmpjes posten en foto’s delen en beheren met iedereen die je maar wilt.


Een ouder maar ook zeer populair voorbeeld van een social network is Myspace, opgericht in 2003. Het domein MySpace.com was in eerste instantie een plek om gratis bestanden te plaatsen maar werd midden 2001 opgeheven. Ook hier kun je een profiel beheren en delen met wie jij maar wilt. Waar men zich bij Hyves meer heeft gefocussed op de individuele gebruiker, wordt bij Myspace veelal de focus gelegd op groepen die gezamelijk een myspace profiel aanmaken. Toch schelen Hyves en Myspace qua principe niet veel ten opzichte van elkaar.


Voor wie Hyves toch net iets te ‘nutteloos’ vindt en liever investeert in zijn toekomstkansen kan zijn (of haar) heil zoeken bij LinkedIn. LinkedIn is een online sociaal netwerk dat gericht is op professionals. In juli 2007 waren er wereldwijd meer dan 12 miljoen geregistreerde gebruikers. Via LinkedIn bouw je (eigenlijk net als Hyves) een persoonlijke online contactennetwerk op. Waar het bij Hyves vooral gaat om losse vriendschappelijke contacten draait het bij LinkedIn om jouw bedrijfsnetwerk. Ben je op zoek naar een baan? Wil je dat anderen weet krijgen van jouw talenten? Of zoek naar een nieuwe uitdaging? Ervaringen uitwisselen met anderen geinteresseerde professionals binnen jouw vakgebied? Het kan met LinkedIn. Plaats je cv en userprofile op je profiel en wordt ondekt of ontdek anderen.


Facebook is de (voornamelijk) engelse variant tussen Hyves en LinkedIn. Deze amerikaanse social networkingsite is gemaakt voor onder andere scholen, universiteiten en bedrijven. Deze site in inmiddels zeer populair onder Britse en Amerikaanse studenten. Ook in Nederland groeit de populariteit waardoor het een concurrent voor o.a. Hyves aan het worden is. Facebook bestaat sinds 2004. Ook zagen we bij Facebook dit jaar een flinke toename in populariteit. We willen blijkbaar graag ons leven en ervaringen met elkaar delen. Waar dan ook.


Als laatste voorbeeld van ‘onlinetrend 2007’ neem ik het al haast niet weg te denken Twitter. Dit is DE absolute trend-hit van 2007 geweest. Deze populaire (ja… een vaak gebruikt woord) applicatie is komen overwaaien vanuit Amerika naar Europa. Het combineert webloggen met instant messaging en wordt daarom wel “micro blogging” genoemd. Twitter is opgericht in oktober 2006 door Obvious Corp, een redelijk nieuw bedrijf uit San Francisco.
Ook al gebruik ik zelf geen Twitter omdat ik geen zin heb om een online dagboek bij te houden, kan ik me wel voostellen dat er een hoop mensen zijn die dat wel leuk vinden. Het is dan ook niet alleen voor privedoeleinden een prima middel. Ook binnen bedrijfsomgevingen kan Twitter handig zijn. Hier kun je het zien als een soort dagboek waar je snel en gemakkelijker aantekeningen en andere opmerkingen kunt posten.

2007; Een veelbewogen jaar
Er zijn een heleboel groot- maar ook kleinschalige ontwikkelingen geweest op het internet dit jaar. We leven momenteel in een mega-digitale revolutie. Alles wat je gisteren hebt leren kennen is morgen alweer verouderd. De technologie gaat in rap tempo door en elke dag worden we geconfronteerd met diverse nieuwe snufjes en internetapplicaties die ons leven net wat gemakkelijker of interessanter maken. De vraag of wij daaraan toe zijn (al die digitale veranderingen) is vrij irrelevant. We kunnen niet meer leven zonder deze vooruitgangen, we leven er juist van! Ook 2007 heeft ons nieuwe trends gebracht waar wij inmiddels dankbaar gebruik van maken.
Ben benieuwd wat 2008 ons allemaal voor innovoatiefs gaan brengen… Wie weet kom ik zelf nog wel met een nieuw geniaal online concept dat iedereen wil gaan gebruiken.. zou zomaar kunnen he… ;-)
(ong. 1100 w.)

Gepost door: mijnminor | december 28, 2007

Mond tot mond promotiemiddel

Soort post: Weekpost #5

Het boek Tipping Point van auteur Malcolm Gladwell gaat over het beslissende moment waarop wij onze keuzes maken in ons leven. Een belangrijk punt wat hij daarin aankaart is de kracht van mond tot mond reclame. Om je produkt aan te prijzen kun je gebruik maken van de meest uiteenlopende vormen van marketing en reclame. Denk maar eens aan verkoopstrategien, billboards, guerilla, posters, reclamespots e.d. Toch zitten we meestal niet op al die reclame te wachten. Het bezorgt ons meer last dan dat we er profijt van hebben. De meest effectieve vorm van marketingcommunicatie (ten behoeven van de promotie van een produkt of dienst) is nog altijd de mond tot mond reclame. Als wij van vrienden of kennisen horen dat een bepaald produkt of dienst goed is, zijn we sneller geneigd om zelf dit produkt of dienst ook uit te proberen. Sterker nog, het IS de meest effectieve methode om het grootste publiek te bereiken en de kosten zijn relatief gezien laag. Een goede booschap verspreid zichzelf.

Dit filmpje, dat ik op youtube tegenkwam laat aan de hand van een duidelijk voorbeeld (zeep) zien waarom mond tot mond reclame zo efficient werkt:

Virals zijn natuurlijk haast het beste voorbeeld van triggers tot van mond tot mond promotie. Al eerder heb ik het gehad over de reclame van DE met de oude omaatjes. Hun hippe vlotte babbel was al snel het gesprek van de dag onder de jeugdige internetgebruikers. Een goede viral blijkt dus een prima start van mond tot mond promotie. Zo ook dit filmpje een spaans reclamebureau dat de interessante bijwerkingen van een Tuborg biertje laat zien. Een leuke viral, dus: Zegt het voort, zegt het voort…

Gepost door: mijnminor | december 15, 2007

Longtail theorie ‘versus’ Blue Ocean strategie?

Soort post: Essay #3

Lange staarten en blauwe oceanen.. Zijn deze twee veelgenoemde termen in strijd met elkaar. Kun je ze wel met elkaar vergelijken? Misschien dat je ze heel goed tesamen kunt toepassen binnen een communicatiestrategie? Eerst antwoord op een andere vraag, want: “waar heb ik het over?”
Ik zal eerst eens een heldere toelichting van beide termen geven.

Het Long Tail principe is eigenlijk heel gemakkelijk te verklaren. Het is een begrip dat wordt gebruikt om een enorme hoeveelheid aanbod te beschrijven dat slechts voor een deelmarkt (niche) geschikt is. Dat hele aanbod tesamen een nog groter marktpotentieel dan marktleiders (zoals Walmart) kunnen bereiken. Grote bedrijven kiezen ervoor om hits te verkopen omdat daar de winst te halen valt. Door de komst van het internet is het mogelijk voor bedrijven om ook al die andere niet-hits te kunnen verkopen. Dus een breder assortiment aan een nog beter publiek. Zo kunnen al die kleine hoeveelheden produkten bij elkaar veel meer opbrengen dan bestsellers.


Een klassieke ‘Longtail’

Blue Ocean Strategy daarentegen kent aan ander principe. Het is een strategiebenadering die ontwikkeld is door Kim and Mauborgne, beiden werkzaam op INSEAD (een grote internatiale bedrijfsschool). Centraal in de strategie staat dat je de concurrentie niet te lijf moet gaan. Dat levert een situatie met diverse concurrentiespanningen op. Nee, de beste manier om de concurrentie aan te gaan, is de concurrentie juist te ontlopen. “Don´t compete with your rivals, make them irrelevant”. (Zie essay #2)


Een voorbeeld van een ‘Blue Ocean’ principe

Oneerlijke vergelijking
Na het lezen van bovenstaande verklaringen kom je tot een conclusie dat deze twee termen niet met elkaar te vergelijken zijn. Longtail is een benaming voor een bestaand markteffect, Blue Ocean is een marktstrategie. Daardoor is het erg lastig om deze termen tegenover elkaar te zetten en ze te vergelijken.
Toch kun je wel een kleine link zien tussen deze twee ‘fenomenen’. Als je het voor elkaar krijgt om een Blue Ocean te creëren kun je er vanuit gaan dat het produkt (of dienst) aanslaat op de markt. Doordat het produkt (of dienst) goed aanslaat zal het ook dermate populair zijn dat het binnen het Longtail model als een hit betiteld kan worden. Dit heeft tot gevolg dat deze nieuwe Blue Ocean in de hits-piek terecht komt. Een kleine Blue Ocean (gericht op een kleine nichedoelgroep) zou ook kunnen bestaan, maar de vraag is of het dan een echte soliede Blue Ocean is. Wel is het mogelijk dat een kleine Blue Ocean – te vinden is in de staart van de Longtail – later nog uitgroeit tot een hit.

Duwtje in de rug
Een goed voorbeeld hiervan is Apple. Jarenlang bevond Apple zich in de Longtail van de markt. Ook al was er eigenlijk nog niet echt sprake van het fenomeen Longtail, Het principe ervan bestond al. Apple was in de jaren negentig totaal oninteressant geworden. Diverse grote concurrenten zoals IBM en Intel schoten Apple voorbij. De aandelen kelderden en noodgedwongen moest Apple zorgen voor verandering. Innovatie dus. En dat Apple daartoe in staat was heeft Apple inmiddels meer dan duidelijk bewezen. Het is in een aantal jaren tijd van zero-brand tot top-brand gegroeid en de aandelen stegen nog nooit zo snel. Met topklasse produkten die precies op het juiste moment aansloten bij de needs en wants van de doelgroep van Apple (zelfs de mensen die niet bij de doelgroep hoorden) heeft Apple zich verplaatst van de staart naar de kop van de Longtail!
Oftewel een verplaatsing in de Longtail door een efficiënte Blue Ocean strategie.


Apple: van longtail’niche’ naar Blue Ocean’hit’

Ik ben wel van mening dat je het Longtail effect kunnen gebruiken om een potentiele Blue Ocean ´hit´ op te sporen. Maar omdat de Longtail in vele gevallen onmeetbaar lang is, is het lastig om de staart te onderzoeken. Stel je voor dat je een nieuw produkt op de markt wil zetten op het gebied van stofzuigers een doorbraak wilt maken. Dyson is op dit moment één van de meest innovatieve stofzuigers van dit moment. Als je zelf een stofzuiger op de markt zet alleen maar betere zuigkracht zul je met Dyson concurreren. Dit is niet wat je wilt doen. Als je met een ander soort stofzuiger komt die niet op Dyson lijkt maar misschien dus ook niet zo goed, heb je kans dat je produkt in de Longtail verdwijnt. Met alleen een lagere prijs of iets meer opties red je het meestal niet. Als je voor jezelf weet wat je NIET moet doen om in de Longtail verzeild te raken kun je hiermee rekening houden bij je innovatieproces. Met een dosis lef, geluk en de juiste middelen kun je daar een misschien zelfs een Blue Ocean van maken.

Opvallen
Stel, in het bijzondere geval, dat je een Blue Ocean gecreeërd hebt. Het nadeel van een Blue Ocean is dat hij vrijwel nooit een Blue Ocean blijft. Met andere woorden… jouw unieke concept zal ‘gekopieerd’ worden door andere partijen waardoor deze concurrenten worden. Langzamerhand verdwijnt jouw Blue Ocean met als gevolg dat jouw produkt samen met vele andere concurrenten langzaam richting de Longtail verplaatsen. Mits jouw produkt of dienst dermate uniek is dat er nog geen mogelijke concurrenten op de loer liggen.
Goed voorbeeld hiervan is Google. Google begon als een kleine maar zeer efficiënte zoekengine. Doordat het zo’n ontzettend gebruiksvriendelijk, simpel en effectief was (en is) groeide het in no-time uit tot dé meestegebruikte zoekmachine ter wereld. Een Blue Ocean die voorlopig nog lang veranderd in een Red Ocean, eenvoudigweg doordat er geen concurrent is die aan de kracht van Google kan tippen.

Is het nou ‘versus’?
Nee, het is niet versus. Je kunt het Longtail principe niet tegenover de Blue Ocean strategie zetten. Ten eerste, om de punten op een rijtje te zetten, is het omdat Longtail een benaming van een marktprincipe is en omdat Blue Ocean de benaming van een markt(innovatie)strategie is!
Twee heel verschillende termen dus. Waar je bij de Longtail de effecten van hits en nonhits op verschillende deelmarkten kunt vergelijken, gebruik je juist de Blue Ocean strategie om nieuwe deelmarkten/produkten te ontdekken. Al is het natuurlijk niet succes verzekerd. Daarvoor kom er nog wel wat meer bij kijken dan alleen een strategie volgen…
(ong. 1100 woorden)

Gepost door: mijnminor | december 11, 2007

Steek je handen uit de mouwen!

Soort post: Weekpost #4

Er is een nieuwe trend in opmars. Een trend waarbij je je op vakantie niet zal vervelen. Dan heb ik het niet over een actieve jungletocht, surfkamp of een jeepsafari… Nee, het gaat hier over de nieuwe term Volunturism. Tijd om je cocktail en ligstoel aan de kant te zetten. Volunturism houdt namelijk in dat je op een vakantieadres vrijwilligerswerk gaat verrichten. Natuurlijk kies je hier zelf voor en vind je het een goed initiatief om anderen te helpen. Je doet het namelijk niet alleen voor jezelf.

Help anderen en geniet van je vakantie
In de gratis krant ‘Metro’ was te lezen hoe ene Henriette naar Zuid Afrika afreisde om in Sizanani met kinderen samen te werken. Ze vertelt dat ze het een stom idee vind om veel geld uit te geven zodat ze olifanten kan zien. Veel liever draagt ze een steentje bij om het volk daar weer een beetje verder op weg te helpen. “Een heerlijk gevoel om in je vrije tijd anderen te kunnen helpen”, zegt Henriette uit Nijmegen.


Huizen bouwen in Ivoorkust

Organisaties
Je kunt er uiteraard ook voor kiezen om zelf naar Columbia te reizen om huizen te bouwen voor de daklozen, maar het kan ook georganiseerd. Reisbureau’s zoals Boabab bieden al geruime tijd vakanties aan waarbij de reiziger vrijwilligerswerk verricht. De kosten van de reis komen gemiddeld wat hoger uit vanwege een standaard donatie die gevraagd wordt. Maar dat hebben de meesten er graag voor over.


Kinderen helpen in Zimbabwe

Deze nieuwe trend valt erg in de smaak bij veel mensen. Zeker omdat we tegenwoordig op de hoogte is van alle ellende en problemen in de wereld (door bijvoorbeeld internet en televisie) staan we sneller klaar om andere mensen, dieren of de natuur zelf te kunnen helpen. En als je dan ook nog eens niets te doen weet op je vakantie… wat is er dan beter dan zelf een handje helpen om de wereld een klein stukje beter te maken?

Voor meer informatie, neem gerust eens een kijkje op de website van Baobab.
www.baobab.nl

Oudere Berichten »

Categories